A A A Wijzig contrast over deze site
De Zorgplanner
VERKLARENDE WOORDENLIJST

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Aanvullende verzekering
Een aanvullende verzekering kan kosten vergoeden voor gezondheidszorg die niet in het basispakket zitten. Aanvullende verzekeringen kunnen per verzekeraar verschillen wat betreft het verzekerde pakket en de premie. De overheid bemoeit zich niet met aanvullende verzekeringen. Een aanvullende verzekering is niet verplicht.

Aftrekpost
Kosten die u mag aftrekken bij uw belastingaangifte.

Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ)
Uit de AWBZ, de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, worden de kosten voor langdurige zorg betaald. Hierbij kunt u denken aan gehandicaptenzorg, verblijf in een verpleeghuis of langdurige geestelijke gezondheidszorg. Deze zorg wordt niet vergoed door de basisverzekering of aanvullende zorgverzekeringen. Iedereen die in Nederland woont of werkt is automatisch verzekerd voor AWBZ-zorg.

AWBZ-functies
De AWBZ kent vijf soorten zorg. Deze verschillende soorten zorg worden functies genoemd. Naast deze functies vallen ook andere vormen van zorg onder de AWBZ. Zoals het uitlenen van hulpmiddelen, doventolkzorg en inentingen of vaccinaties via het rijk. AWBZ-instelling
Een zorginstelling waar de zorg en het verblijf wordt vergoed via de AWBZ. Bijvoorbeeld een verzorgingshuis, een verpleeghuis, een instelling voor gehandicapten of een Regionale Instelling voor Beschermende Woonvormen (RIBW).

AWBZ-zorg
Zorg die via de AWBZ wordt vergoed. Zie ook persoonsgebonden budget (PGB) en zorg in natura (ZIN).

Basispakket
Het basispakket (de basisverzekering) zorgt ervoor dat u verzekerd bent voor medisch noodzakelijke zorg. De inhoud van het basispakket is door de overheid wettelijk vastgesteld en voor iedereen hetzelfde. Het basispakket bevat alle noodzakelijke zorg zoals ziekenhuiszorg, medicijnen, hulpmiddelen en huisartsenzorg. De hoogte van de premie verschilt per zorgverzekeraar. Het basispakket is verplicht. Er zijn twee soorten polissen: de naturapolis en de restitutiepolis.

Basisverzekering
Zie basispakket.

Beschikking
Een besluit van een organisatie, meestal van de overheid, waarbij iets wordt geregeld. Een beschikking wordt verstuurd als brief. Hierin staat bijvoorbeeld hoeveel eigen bijdrage u moet betalen.

Bezwaarschrift
Een brief waarin u aangeeft waarom u het niet eens bent met een bepaald besluit.

BJZ (Bureau Jeugdzorg)
Bureau Jeugdzorg is de toegangspoort voor de gehele jeugdzorg. Dit betekent dat medewerkers van Bureau Jeugdzorg elk verzoek om hulp beoordelen en vervolgens vaststellen welke zorg nodig is. Ze begeleiden kinderen, jongeren en ouders, of verwijzen door naar andere hulpverleners.

CAK (Centraal Administratie Kantoor)
Het CAK berekent en incasseert de eigen bijdragen voor Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) en de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en is verantwoordelijk voor het betalen van de AWBZ-instellingen. Ook verzorgt het CAK het uitbetalen van de Compensatie eigen risico in de zorgverzekeringswet. Het CAK voert ook een aantal taken uit ten behoeve van de Wtcg, de Wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten.

CIZ (Centrum Indicatiestelling Zorg)
Het CIZ onderzoekt en besluit of u AWBZ-zorg nodig heeft en welke zorg u nodig heeft. En hoe lang u deze zorg nodig heeft. U kunt bij het CIZ terecht voor een aanvraag voor zorg of hulp bij ziekte, handicap of ouderdom. Het CIZ is een onafhankelijke organisatie.

Compensatie eigen risico
Verzekerden met langdurige zorgkosten krijgen een vergoeding voor het verplicht eigen risico. Het verplicht eigen risico bedroeg in 2008 € 150, in 2009 € 155 en in 2010 € 165. In 2011 bedraagt het verplicht eigen risico € 170. De compensatie voor het eigen risico is € 54.

Dagbesteding
Een zinvolle besteding van de dag, ter vervanging van school en/of werk, voor bijvoorbeeld mensen met een handicap, voor mensen met psychiatrische problemen of voor ouderen.
Er zijn verschillende vormen van dagbesteding. Bijvoorbeeld het uitvoeren van hobby’s en klussen of het werken in een kantine.

Diagnose
Bij een diagnose wordt bij een patiënt een ziekte of aandoening vastgesteld. Een diagnose kan ook bepalen welke verzorging of verpleging iemand nodig heeft.

Dienstverlening
Hulp die een persoon of een instelling geeft aan mensen.

Eerst verantwoordelijke verzorgende (EVV’er)
Een verzorgende of verpleegkundige die verantwoordelijk is voor het uitvoeren van alle afspraken uit het zorgdossier van een bewoner of patiënt. Een EVV’er is ook contactpersoon. Daarom wordt een EVV’er ook wel contactverzorgende genoemd. Soms wordt een EVV’er ook wel Persoonlijk Begeleider (PB’er) genoemd.

Eigen bijdrage
Het deel van de kosten dat u zelf betaalt als u AWBZ-zorg ontvangt. Of als u gebruikmaakt van een Wmo-voorziening.

Eigen risico
Geld dat u meebetaalt aan de kosten voor gezondheidszorg. Sinds 2008 is een eigen risico voor de Zvw verplicht. In 2008 bedroeg het eigen risico €150, in 2009 €155, in 2010 €165 en in 2011 €170.

Extramurale zorg
Extramurale zorg is zorg die u thuis ontvangt. In plaats van opname in een instelling kunt u drie van de vijf AWBZ-functies thuis ontvangen: persoonlijke verzorging (zoals hulp bij het aan- en uitkleden), verpleging (bij lichte medische problemen) en begeleiding.

Formele zaken
Dit zijn de afspraken die worden vastgelegd in een zorgcontract: hoeveel en welke zorg u krijgt en hoe vaak.

Gebruikelijke zorg
Gebruikelijke zorg is de normale, dagelijkse zorg. Bijvoorbeeld ouders die zorgen voor hun kind. Of een man die zorgt voor zijn vrouw. Bij gebruikelijke zorg heeft u geen recht op AWBZ-zorg.

Gezondheidszorg
Zorg met als doel de gezondheid van mensen te verhogen, ziekten te voorkomen of te genezen en het lichamelijk functioneren te verbeteren.

GGZ (Geestelijke gezondheidszorg)
Geestelijke gezondheidszorg. De geestelijke gezondheidszorg behandelt mensen met psychische of psychiatrische problemen. Bijvoorbeeld kinderen met een autismestoornis, iemand met een drankprobleem, schizofrenie of mensen met een depressie.

GGZ-instelling
Een instelling voor de behandeling en begeleiding van mensen met psychische of psychiatrische problemen. Bijvoorbeeld een psychiatrisch ziekenhuis, RIAGG of Regionale Instelling Beschermende Woonvormen (RIBW).

GZ (Gehandicaptenzorg)
Gehandicaptenzorg. De gehandicaptenzorg behandelt mensen met een lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke beperking.
Hardheidsclausule
Bij een hardheidsclausule wordt een uitzondering gemaakt, waardoor u geen eigen bijdrage voor zorg in de AWBZ hoeft te betalen. Deze uitzondering geldt als minderjarige, inwonende kinderen dringend zorg nodig hebben. Een zorgverzekeraar kan deze uitzondering maken op advies van een instelling voor algemeen maatschappelijk werk of de Raad voor de Kinderbescherming.

Herindicatie
Het aanvragen van een nieuw besluit bij het CIZ of BJZ. Omdat een indicatie afloopt of omdat er een nieuwe zorgvraag is.

Hulpmiddel
Een hulpmiddel kan:
Hulpvraag
Een verzoek om hulp of zorg. Dit verzoek kan door de cliënt zelf worden gedaan. Of door familie van de cliënt.

Indicatie
Bij een indicatie wordt bepaald of u zorg nodig heeft die wordt betaald via de AWBZ. Zonder indicatie krijgt u geen AWBZ-zorg. De indicatie voor AWBZ-zorg wordt uitgevoerd door het CIZ of door BJZ. Zij bepalen als onafhankelijke organisatie of iemand in aanmerking komt voor AWBZ-zorg. In een aantal gemeenten verzorgt het CIZ ook indicaties voor de Wmo. Bijvoorbeeld indicaties voor hulp in het huishouden, rolstoelen en trapliften.

Indicatiebesluit
Besluit in de vorm van een brief. Hierin staat welke AWBZ-zorg u nodig heeft en hoe lang.

Indicatieorgaan
Een onafhankelijke organisatie die een besluit neemt. Deze organisatie kijkt of u recht heeft (en hoeveel) op één of meerdere van de vijf soorten AWBZ-zorg (de zorgfuncties). Zie ook CIZ en BJZ.
Intramurale voorziening
Een (woon)instelling die hulp en verblijf geeft aan mensen die dat 24 uur per dag nodig hebben.

Instelling voor maatschappelijk werk
Een organisatie die mensen ondersteunt bij het oplossen van en omgaan met problemen. Daarnaast worden mensen ook geholpen bij het oplossen van verstoorde relaties met mensen in hun omgeving.

Kennisgeving
Een brief waarin uw gegevens staan zoals ze bijvoorbeeld in de administratie van het CAK zijn opgenomen. Deze gegevens worden gebruikt om uw eigen bijdrage te berekenen.

Klassen
Een klasse geeft aan hoeveel uren zorg of begeleiding iemand per week nodig heeft. De klasse staat in het indicatiebesluit.

Kortdurende opname
Opname in een AWBZ-instelling die maximaal zes weken duurt. Zie ook tijdelijke opname.

Machtiging
Uw officiële toestemming met uw handtekening om anderen iets voor u te laten doen.

Mantelzorg
Zorg die mensen geven aan hun partner, een familielid of een vriend die (langdurige) zorg nodig heeft. Bijvoorbeeld vanwege een chronische ziekte, een handicap of ouderdom. Het gaat om zorg waarvoor anders een professionele hulpverlener nodig is.

Maximale periodebijdrage
Voor de zorg of voorzieningen die iemand via de Wmo ontvangt, wordt elke vier weken een eigen bijdrage betaald. Dit is de maximale periodebijdrage. Iemand betaalt per periode van vier weken nooit méér dan deze bijdrage. Ook niet als iemand veel hulp of zorg ontvangt.

MEE
Organisatie die mensen met een beperking ondersteunt en adviseert bij het vinden van zorg. MEE is er bijvoorbeeld voor mensen met een lichamelijke handicap of chronische ziekte, een verstandelijke handicap of autisme. MEE heette voorheen Sociaal-Pedagogische Dienst (SPD).

Naheffing
U krijgt een naheffing als uw definitieve eigen bijdrage hoger is dan de voorlopige eigen bijdrage. U moet dan bijbetalen.

Naturapolis
Bij een naturapolis krijgt u zorg van een zorgaanbieder waarmee uw zorgverzekeraar afspraken heeft gemaakt. Uw zorgverzekeraar betaalt de kosten voor uw zorg direct aan uw zorgaanbieder.

Overbruggingszorg
De zorg waarop iemand volgens zijn indicatie recht heeft, is niet altijd direct beschikbaar. Overbruggingszorg is daarom tijdelijke zorg voor mensen die op de wachtlijst staan voor zorg die nog niet gegeven kan worden.

Palliatieve zorg
Zorg voor patiënten die niet meer te genezen zijn. Palliatieve zorg probeert bijvoorbeeld pijn te verminderen en te voorkomen dat andere lichamelijke klachten ontstaan. Palliatieve zorg probeert ook aandacht te besteden aan psychische en sociale problemen. Het doel hierbij is te zorgen voor een zo hoog mogelijke kwaliteit van leven. Voor de patiënt, zijn familie, vrienden en bekenden.

Permanente zorg
Zorg die mensen blijvend nodig hebben. Voortdurende, blijvende zorg.

Persoonlijk Begeleider (PB’er)
Een verzorgende, verpleegkundige of begeleider die verantwoordelijk is voor het uitvoeren van alle afspraken uit het zorgdossier van een bewoner of patiënt. Een PB’er is ook contactpersoon. Soms wordt een PB’er ook wel eerst verantwoordelijke verzorgende (EVV’er) genoemd.

Persoonsgebonden budget (PGB)
Een geldbedrag waarmee iemand zelf hulp of zorg kan inkopen of inhuren. Iemand kiest hiermee zelf een zorgaanbieder of hulpverlener. Het PGB wordt gegeven door het zorgkantoor of de zorgverzekeraar.

Preventieve zorg
Zorg die schade aan de gezondheid van mensen moet voorkomen of beperken.

Privacyreglement
Een document waarin staat hoe wordt omgegaan met uw persoonlijke gegevens.

Restitutiepolis
Bij een restitutiepolis krijgt u zorg van een zorgaanbieder die u zelf heeft gekozen. U ontvangt van deze zorgaanbieder een rekening. Deze rekening kunt u indienen bij uw zorgverzekeraar.

Sociale Verzekeringsbank (SVB)
Organisatie die wetten en regelingen van de overheid uitvoert. Het zijn wetten en regelingen waarbij mensen geld ontvangen. Bijvoorbeeld de Algemene Ouderdomswet (AOW).

Somatische zorg
Zorg voor een patiënt met een lichamelijke ziekte of aandoening.

Tegemoetkoming onderhoudskosten thuiswonende gehandicapte kinderen (TOG)
Een financiële bijdrage voor ouders of verzorgers die thuis een kind (3-18 jaar) met een handicap verzorgen.

Terminale zorg
Verzorging en begeleiding van patiënten die nog kort te leven hebben. Deze zorg is meestal intensief en wordt thuis of binnen een instelling gegeven.

Thuiszorg
Zorg die thuis geleverd wordt (dus aan iemand die niet in een instelling verblijft). Het gaat hier om verpleging, persoonlijke verzorging of begeleiding. Zie ook extramurale zorg.

Tijdelijke opname
Opname in een AWBZ-instelling die maximaal zes weken duurt.

Transferverpleegkundige
Verpleegkundige die de overgang tussen zorginstellingen regelt. Bijvoorbeeld de overgang van een ziekenhuis naar thuiszorg.

Verpleeghuis
Verpleeghuizen zijn bedoeld voor intensieve zorg of zware medische behandelingen. Een verzorgingshuis kan daarvoor naar een verpleeghuis verwijzen. Het betekent niet dat u altijd in een verpleeghuis (intramuraal) moet worden opgenomen. Een verpleeghuis kan ook ergens anders (extramuraal) zorg en behandeling leveren. Bijvoorbeeld in een verzorgingshuis, of in een woon-zorgcentrum, hospice, zorgsteunpunt of domotica.

Verpleging Verpleging is de zorg die u krijgt omdat u lichamelijk of geestelijk ziek bent of gehandicapt. Verpleging is altijd bedoeld om te zorgen dat u weer beter wordt. Of om te voorkomen dat uw ziekte of beperking erger wordt.

Verzamelinkomen
Uw verzamelinkomen is een optelsom van al uw inkomsten: inkomsten uit werk, inkomsten uit een uitkering, inkomsten uit aandelen en dividenden, opbrengsten uit beleggingen en opbrengsten uit spaargeld.

Verzorgingshuis
Een verzorgingshuis biedt zorg en huisvesting als u door ouderdom of ziekte echt niet meer zelfstandig kunt wonen en voor uzelf kunt zorgen, ook niet met hulp van naasten, mantelzorg of thuiszorg. U kunt in een verzorgingshuis wonen en hulp krijgen bij het wassen, naar bed gaan, aankleden en eten. Maar u kunt ook alleen dagverzorging krijgen, waarbij u 's avonds naar uw eigen huis gaat. Ook tijdelijk wonen in een verzorgingshuis is soms mogelijk.

Volledig pakket thuis
Met deze regeling kunnen mensen met de indicatie ‘zorg met verblijf´thuis blijven wonen. Ze kunnen dan thuis de zorg krijgen die ze anders in een instelling zouden krijgen.

Voorlopige eigen bijdrage
U betaalt een voorlopige eigen bijdrage als het CAK van de Belastingdienst nog geen definitieve inkomensgegevens heeft ontvangen.

Voorziening
Een maatregel die u ondersteunt bij het dagelijks leven. Bijvoorbeeld een rolstoel of hulp bij het huishouden.

Wachtlijstbemiddeling
Hulp van een zorgverzekeraar en het zorgkantoor bij het vinden van andere zorg. Bijvoorbeeld wanneer zorg of behandeling in de gewenste instelling niet gegeven kan worden omdat er een wachtlijst is.

Wachtlijstoverbrugging
Het regelen van voorlopige zorg in de periode dat iemand op een wachtlijst staat.

Werkafspraken
Afspraken over hoe de zorg precies geleverd wordt, bijvoorbeeld door wie en op welke tijdstippen. Deze afspraken worden gemaakt nadat het zorgcontract is opgesteld.

Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp)
Wet die bepaalt wat er wel en niet met uw persoonsgegevens mag gebeuren. Een organisatie moet bijvoorbeeld aan u toestemming vragen om uw gegevens te gebruiken.

Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)
De Wmo zorgt ervoor dat mensen zo lang mogelijk zelfstandig kunnen blijven wonen en mee kunnen doen in de samenleving. Het gaat hier om de lichtere vormen van hulp, voorzieningen en ondersteuning voor mensen met een beperking. Bijvoorbeeld om hulp bij het huishouden, een scootmobiel of een aangepaste auto. De gemeente is verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wmo.

Wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten (Wtcg)
Sinds januari 2009 geldt de Wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten (Wtcg). Wie gehandicapt of ziek is, heeft vaak extra kosten. De Wtcg regelt dat chronisch zieken en gehandicapten hiervoor een tegemoetkoming ontvangen. Zij krijgen daarom jaarlijks automatisch een geldbedrag. Deze vergoeding is bedoeld voor de extra kosten die zij hebben en die niet op een andere manier worden vergoed. Via de belasting blijven alleen bepaalde zorgkosten aftrekbaar.

Woonvorm
Een plek waar u kunt wonen als u niet meer alles zelf kunt. U krijgt er hulp, verzorging of begeleiding als dat nodig is. Een woonvorm kan bijvoorbeeld een eigen appartement zijn, dichtbij een zorginstelling. Of verschillende appartementen bij elkaar, in een woonwijk. In een woonvorm kunnen ook meer mensen samenwonen.

Woonzorgcentrum
Terrein met zelfstandige woningen waar mensen worden verzorgd en beschermd wonen. Een woonzorgcentrum is bedoeld voor ouderen die niet meer zelfstandig kunnen wonen, maar geen verzorgingshuis- of verpleeghuiszorg nodig hebben. Wordt ook wel woonzorgcomplex of wozoco genoemd.

Woonzorgcomplex (Wozoco)
Een woonzorgcomplex is een complex met zelfstandige woningen. In de praktijk is een wozoco een complex van speciaal aangepaste woningen met daarbij een zusterpost, enkele (ziekenhuis)bedden, een gemeenschapsruimte, en soms zelfs een winkeltje. Kort gezegd is een wozoco dus een combinatie van aanleunwoning, verzorgingstehuis, verpleegtehuis, en zelfstandig wonen.

Zorgaanbieders
Mensen of organisaties die gezondheidszorg leveren. Bijvoorbeeld de huisarts, het verzorgingshuis of de fysiotherapeut.

Zorgfuncties
De AWBZ verdeelt zorg in vijf verschillende zorgfuncties: persoonlijke verzorging, verpleging, begeleiding, verblijf en behandeling. Zie ook AWBZ-functies.

Zorg in natura (ZIN)
Bij zorg in natura (ZIN) krijgt u zorg van een zorgaanbieder waarmee uw zorgverzekeraar afspraken heeft gemaakt. Uw zorgverzekeraar betaalt de kosten voor uw zorg direct aan uw zorgaanbieder.

Zorgjaar
Het jaar waarin u zorg ontvangt.

Zorgkantoor
Organisatie die verantwoordelijk is voor de uitvoering van AWBZ-zorg. Het zorgkantoor maakt bijvoorbeeld afspraken met zorginstellingen. Het zorgkantoor geeft ook het persoonsgebonden budget (PGB) uit. Per regio is in Nederland één zorgverzekeraar aangewezen als zorgkantoor.

Zorg met Verblijf (ZmV)
Bij Zorg met Verblijf woont u (tijdelijk) in een zorginstelling. U krijgt daar hulp of zorg.

Zorgovereenkomst
Een contract tussen de cliënt en de zorgaanbieder. Hierin staan algemene afspraken over de rechten en plichten van u én van de zorginstelling. Soms staat in een zorgovereenkomst ook op hoeveel zorg u recht heeft.

Zorgplan/Zorgleefplan
In een zorgplan of zorgleefplan staan afspraken tussen u en uw zorginstelling. Deze afspraken gaan over doelen voor de komende periode. Het zorg(leef)plan houdt rekening met uw wensen, uw mogelijkheden en uw beperkingen. Een zorg(leef)plan wordt pas gemaakt nadat uw zorginstelling met u een gesprek heeft gevoerd. In dit gesprek kunt u meepraten over het invullen van uw dagelijkse zorg. En u kunt laten weten wat uw persoonlijke wensen zijn.

Zorgverzekeraars
Organisaties waar u een zorgverzekering (basispakket met of zonder aanvullende verzekering) afsluit.

Zorgverzekering
Een verzekering die de kosten voor uw gezondheidszorg vergoedt. Iedereen in Nederland is verplicht zich te verzekeren voor het basispakket. Een aanvullende verzekering is niet verplicht. Zie ook basispakket en aanvullende verzekering.

Zorgvraag
Een verzoek om hulp of zorg. Dit verzoek kan door de cliënt zelf worden gedaan. Of door familie van de cliënt. Zie ook hulpvraag.

Zorg zonder Verblijf (ZmV)
Zorg die u krijgt zonder dat u in een zorginstelling woont. Bijvoorbeeld verzorging of verpleging thuis van chronisch zieken, mensen met een handicap, ouderen of mensen die tijdelijk zorg nodig hebben.

Zorgzwaartepakket
Voor opname in een zorginstelling is een indicatiebesluit nodig van het CIZ, het Centrum Indicatiestelling Zorg of van BJZ, Bureau Jeugdzorg. Sinds 1 juli 2007 gebeurt dat in de vorm van een zorgzwaartepakket. In dit zorgzwaartepakket (ZZP) staat beschreven welke zorg u nodig heeft en hoeveel zorg u nodig heeft.

Zorgzwaartebekostiging
Een manier om vanaf 2009 geld voor langdurige zorg in Nederland beter te verdelen. Zorgzwaartebekostiging gaat uit van de individuele zorg die iemand in een instelling nodig heeft. Bij zorgzwaartebekostiging bepaalt de soort zorg en de hoeveelheid zorg die iemand nodig heeft, hoeveel geld een zorginstelling krijgt. Bieden instellingen vooral zorg aan mensen die weinig zorg nodig hebben? Dan ontvangen deze zorginstellingen minder geld dan zorginstellingen met cliënten die veel zorg nodig hebben.

ZZP
Afkorting van Zorgzwaartepakket. Zie ook Zorgzwaartepakket.

Weer naar boven